Maashavenweg 14

3072 AZ Rotterdam
T   010 429 34 88
E   info@youngbusinessschool.nl

Inrichting onderwijs

‘Worden wie je bent’, dat is het motto van de vrijeschool de Kaap. Ons onderwijs wil leerlingen stimuleren om hun persoonlijkheid tot ontplooiing te brengen. Zodat ze zich ontwikkelen tot evenwichtige mensen: sociaal-emotioneel en intellectueel bewust, maatschappelijk betrokken en innerlijk vrij.
De persoonlijke ontwikkelingsweg van elk individueel kind staat centraal. Het onderwijs doet beroep op hun kunstzinnige, intellectuele en sociale vermogens. Met andere woorden: de ontwikkeling van het hoofd (verstand) is even belangrijk als die van het hart (gevoel) en de handen (daad- en scheppingskracht).
Het doel van vrijeschool de Kaap is dat leerlingen de aandacht krijgen die nodig is om zich in hun denken en doen te kunnen ontwikkelen tot kritische, sociaal betrokken en initiatiefrijke vrijdenkende mensen. 

Kleine klassen:
Per leerjaar bieden we twee klassen onderwijs. Een klas vmbo basis/-kader niveau en een klas vmbo gemengd/-theoretisch advies. Beide klas houden we ook graag klein, er kunnen maximaal 20 leerlingen per klas geplaatst worden.

Iedereen een eigen niveau:
Omdat elke leerling uniek is, dagen we de leerlingen in de verschillende klassen uit om te excelleren in de vakken waar dat mogelijk is. Blijkt dat een leerling een vak gemakkelijk vindt of juist erg moeilijk, dan is het mogelijk om dat vak op een ander niveau te volgen. Ook bij het afstuderen is het mogelijk om een vak op een ander niveau af te ronden.

Inrichting:
Op de Vrijeschool de Kaap wisselen doe- en theorievakken elkaar af. Elke drie weken wordt gewisseld van ambacht, kunst of techniek. Leerlingen ontdekken zo waar hun talenten liggen en worden creatief gestimuleerd. De leerlingen volgen ook periode onderwijs. Daar wordt de ontwikkelingsgerichte leerstof gevolgd volgens de pedagogiek van de vrijeschool. Daarnaast volgen leerlingen de vaklessen Nederlands, Engels, Spaans, wiskunde, muziek en gymnastiek. De leerlingen hebben drie klassenuren per week. Dan wordt onder begeleiding van de mentor het huiswerk gemaakt en worden studievaardigheden geoefend. Periodes en vaklessen worden waar mogelijk gekoppeld om projectmatig- en vakoverstijgend te werken.

In de 1e en 2e brugklas houden de leerlingen dezelfde mentor. Deze geeft ook veel les in de eigen klas zodat er veel begeleiding is en er snel geschakeld kan worden als er extra ondersteuning nodig is of als een leerling even niet lekker in zijn/haar vel zit.
Leerlingen oriënteren zich op veel ambachten en krijgen een breed lesaanbod. Ze ontdekken zo waar kwaliteiten en affiniteiten liggen en nemen veel vaardigheden mee de bovenbouw in.

In het 3e en 4e leerjaar ligt de nadruk op individuele belangstelling en vaardigheden van de leerling. In deze laatste twee leerjaren nemen de stages een belangrijke plaats in en maken leerlingen op de werkvloer kennis met verschillende beroepen. Ze ontwikkelen niet alleen veel vaardigheden, ze ontdekken ook wat wel of juist niet aansluit. Een duidelijke en bewuste keuze voor het vervolgonderwijs ligt in het verschiet.

Afsluiting
Aan het einde van het tweede leerjaar bekijken we goed wat de beste leerweg voor een leerling is. Daarna wordt in twee jaar naar het bijpassende diploma toegewerkt.
Leerwegen:
- Vmbo-basis. Doorstroom mogelijk naar MBO niveau 2 opleidingen.
- Vmbo-kader. Doorstroom mogelijk naar MBO niveau 3 opleidingen.
- Vmbo-gemengd/-theoretisch. Doorstroom mogelijk naar MBO niveau 4 opleidingen of de HAVO.

 

Ga snel naar
Belangrijk nieuws

Schrijf je nu in!